dinsdag 18 oktober 2022

Post bezorgen in de Marlborough Sounds

Gisteravond lekker gegeten in de Irish Pub Seamus. Echt een plek waar de locals komen. Het was me aangeraden door mijn host Jennifer. Het was echt zo’n kroeg met wat eettafeltjes en heel wat luidruchtige mensen, gezellig met elkaar aan de praat. Ik had een tafeltje waar ik alleen zat, maar binnen een kwartiertje kwam een vrouw, Penny, mij vragen of ik bij haar gezelschap wilde aansluiten. Zo werd uit eten gaan toch nog gezellig! En ik heb een naam en telefoonnummer voor als ik weer naar NZ zou komen.  Penny wilde me de volgende ochtend al meeslepen naar vrienden van haar, maar dat heb ik toch maar afgeslagen omdat ik al plannen had voor deze dag.

Vandaag, maandag 17 oktober,  staat er een trip met de Mail boat op het programma, maar die vertrekt pas om 13.00 uur. Dus ‘s ochtends had ik alle tijd om rustig te starten. Eerst maar eens een kopje koffie nabij de haven. Heerlijk met een lemon yoghurt cake erbij. De Spakenburgers zouden er denk ik wel van smullen, want is is nogal een ‘natte keek’ zoals ze het daar noemen. 

Ik was de afgelopen dagen al een paar keer langs het Edwin Fox Museum gelopen, dus hoog tijd om nu ook eens naar binnen te gaan. Zoals veel van die ‘ heritage’ musea hier in NZ, is het een klein gebouwtje met een uitstalling van kleine dingen en veel banieren met tekst. Het wordt over het algemeen gerund door  vrijwilligers. Het Edwin Fox museum is geheel gewijd aan een schip dat deze naam draagt.

Gebouwd in 1853 in India, van teakhout omdat dat veel beter tegen wormen, pokken, rot enzovoorts bestand is. De binnenkant werd nog verstevigd met ijzeren balken. De buitenkant werd voorzien van koperplaat tegen ongedierte. Al met al een loodzwaar schip dus!






Het schip heeft voor heel veel doelen gediend: vervoer van vracht  en  vervoer van troepen naar de Krimoorlog in 1856. 
In 1858 werd het schip ingezet om Engelse gevangenen te vervoeren naar strafkolonie Australië. Het waren flinke straffen voor soms maar kleine vergrijpen. Kijk maar eens op onderstaande lijst. 


Later vervoerde het immigranten van Engeland naar Nieuw-Zeeland. De leefomstandigheden waren vreselijk, met name voor de armere gezinnen. Zij leefden benedendeks in heel nauwe hokjes voor 6 personen, zoals het hieronder op de foto, 1 zo’n hokje dus he! In vreselijke omstandigheden: vocht, schimmel, stank voor zo’n 12 weken. Veel mensen werden ziek: Tubercolose, mazelen, en andere besmettelijke ziekten waarden rond. Er stierven meerdere mensen op de overtocht.


Later werd het schip een koelschip dat vlees van schapen en koeien vervoerde vanuit Picton. Het schip was hier helemaal voor omgebouwd. Later kwamen er betere schepen. De Edwin Fox werd gedeeltelijk ontmanteld en in de Marlborough Sounds afgemeerd om als opslagplek te dienen voor de kolen die hier werden gewonnen. Langzaam ging het schip steeds verder achteruit totdat in 1987 het schip naar de haven van Picton werd versleept en door vrijwilligers werd geconserveerd en tentoongesteld.

Na het bezoek aan het museum had ik nog even tijd om in het park te zitten en ook om de public toilet te bezoeken. Tot nog toe waren dat altijd van die kleine onderkomens langs de weg, soms op basis van composteren, soms ook een eenvoudig uitgevoerde doortrektoilet met een kraantje en altijd voldoende toiletpapier. Meestal wordt het onderhouden door vrijwilligers uit het dorp. Maar deze in Picton was hypermodern. Meerder toiletten op rij. Met je hand voor een sensor opende je het toilet en op dezelfde manier sloot je van binnenuit de deur. Gelijk sprak een stem uit het niets, die je welkom heette en je vertelde dat je 10 minuten had om te doen waarvoor je kwam. En vervolgens een rustig, alle toiletgeluiden overstemmend muziekje. Haha, naar het toilet gaan wordt zo een hele experience!



Rond 13.00 verzamelden de deelnemers van de Mailboat cruise zich bij de haven. We vertrokken rond half 2 en gingen op weg om de post af te leveren in de Sounds. De huizen daar zijn alleen per boot bereikbaar. Je kunt de Queen Charlotte Trail hier lopen over de kammen en langs de kust van de sounds. In 3 tot 4 dagen kun je dit lopen of mountainbiken. De boot brengt je naar een punt waar je wil starten en kan je ook weer ergens oppikken. In die drie dagen kun je overnachten in de diverse lodges die daar zijn. Kost je rond de 300 NZ dollar per nacht. Maar je kunt ook kamperen voor zo’n 50 dollar per nacht.
Sommige mensen doen ook per kano de Sounds. 
In de jaren voor de pandemie kon je hier voor wel zo’n 5000 NZ dollar overnachten in de prachtige panden. Dit stortte compleet in door de pandemie. Op dit moment zijn de prijzen veel lager en kun je al voor 800 NZ dollar per nacht overnachten.



Zo’n honderd jaar geleden waren alle hellingen weilanden. De regering moedigde mensen aan om hier te gaan boeren. Dus alle oorspronkelijke beplanting werd gekapt en er kwamen weiden voor in de plaats. Maar het heeft niet lang geduurd. De bodem was niet zo geschikt hiervoor. Inmiddels zijn de hellingen weer begroeid met bomen. De oorspronkelijke beplanting heeft moeite om zich weer te settelen. Deze soorten groeien maar heel langzaam en worden overschaduwd door de snelgroeiende en goed gedijende Californische dennen. Daarom worden de Californische dennen’ vergiftigd’ om ze uit te roeien. Om te voorkomen dat omringende planten en dieren onbedoeld ook worden vergiftigd, wordt er hier niet gesproeid met vliegtuigen maar gaan mensen de hellingen op, boren een gat in de stam van een Californische den en spuiten er hoge concentraties zout water in. Binnen 2 jaar sterft de boom dan en valt vanzelf om.
De natuur hier ‘ pestfree’ maken kost enorm veel inzet, zowel van vrijwilligers als betaalde krachten. NZ heeft zich tot doel gesteld in 2030 volledig pestfree te zijn. Je kunt dan ook op verschillende plekken de statistieken vinden van hoeveel ratten, possums, muizen, hermelijnen, geiten, diverse wespen er zijn gevangen. Ik vraag me af of je het ooit voor 100% kunt uitroeien, maar ze doen wel erg hun best om inheemse planten en dieren terug te krijgen of te beschermen .

Inmiddels wonen er nog maar zo’n 40 vaste bewoners in de Sounds. Vaak gepensioneerden of mensen die die dure huisjes verhuren. De overige bewoners zijn mensen die hier zelf een vakantiehuisje hebben.
Voor de vaste bewoners wordt de post 1x per week bezorgd. En wij als toeristen mogen dus mee op deze postronde. Ik had de indruk dat wij als toerist ook af en toe van de boot zouden gaan om de postzak naar de bewoners te brengen, maar dat was dus niet zo. Meestal stonden ze zelf al op de werf om het aan te pakken van de postbode, die tevens gids en schipper is. En als je niet thuis bent hang je de postzak klaar aan de meerpaal.
Vroeger had men vaak geen kalender en wist men niet precies wanneer de boot langs zou komen. Maar de honden hoorden al van verre dat de boot er aan kwam en door te blaffen wisten de bewoners dat de post er aan kwam. In tegenstelling tot de meeste ervaringen van postbodes met honden, zijn hier de postbode en de honden goede vrienden. Ze krijgen meestal ook wat lekkers van de postbode.









We boften enorm met het weer. Het was heel kalm en helder weer. Echt genieten aan dek. Bovendien waren de dolfijnen ons ook welgezind. We hebben heel veel Dusky dolfijnen gezien en ook de hier minder voorkomende Hector dolfijnen (die zijn witter en hebben rondere vinnen). Verder nog zeehonden, en veel zeevogels die de dolfijnen volgden die de vis opjaagden.





We maakten nog een tussenstop bij Forneaux Lodge, een van de locaties waar je een lodge kunt huren tijdens je wandeling over de Queen Charlotte Track. Was een heel vredige en mooie plek. Heb genoten van een heerlijk biertje in de zon. De weka, ouwe scharrelaar, kwam natuurlijk ook even kijken.



Rond half zes waren we weer terug in Picton. Vandaag at ik chips and nuggets, een enorme berg patat die ik niet eens op kon!

‘S Avonds mijn boeltje weer ingepakt. Meestal is dat niet zo’n klus omdat ik alles achterin de auto gooi. Maar die is al ingeleverd en morgen moet ik met de boot naar Wellington. Alles moet dus weer in de koffer en rugzak. En het is altijd zo raar, dat je na verloop van tijd niet alles meer in de twee kwijt kan. Ik begrijp het niet. Ik heb alleen 2 nieuwe shirts gekocht, vanwege de kou bij aankomst. En ook een houder voor mijn telefoon, voor in de auto. Omdat er geen navigatie in zat. Dus onbegrijpelijk dat ik het er allemaal maar nauwelijks in krijg. Nou ja, het is alleen maar voor de oversteek, want in de haven van Wellington haal ik mijn nieuwe auto op en kan alles weer in de ‘kattebak’.

Dinsdag heb ik een lange reisdag. Eerst drie uur met de boot naar het Noordereiland (alle tijd om deze blog te schrijven), dan de auto ophalen en een lange rit van zeker 4,5 uur naar New Plymouth.

4 opmerkingen:

  1. Gezellig Sjouk, dat je aan kon schuiven bij het eten. Dat zou veel vaker moeten gebeuren. We zijn allemaal wel erg op ons zelf. En de dolfijnen kreeg je er later nog cadeau bij, super!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Wat bijzonder, die postboten! En mooi dat de dolfijnen zich ook lieten zien. Gr. Joke

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Hai Sjoukje, super leuk om je te volgen zo. Klein beetje jaloers op 🐬🐬🐬☺️ Groetjes Brigitte

    BeantwoordenVerwijderen
  4. haha wat leuk, dat je meeging met de postboot. Daarmee hebben we destijds Stef opgehaald van ARAPAWA island. Toen nog geen toeristische trip maar wij als enige passagiers met de postbode mee.
    Super trip al met al!

    BeantwoordenVerwijderen