zaterdag 28 maart 2015

Waar ben ik nu weer beland?

Na Kapiti Island stond Blue Duck Station op het programma. Dat ligt dus echt in the middle of nowhere. In de routebeschrijving stond:" Bij Owhanga linksaf over het spoor de Oio Road inrijden. Deze blijven volgen. Blue Duck Station ligt 35 km van Owhanga. Het is een uur rijden, want de weg is voor de helft alleen voorzien van gravel en het is nogal bochtig. Na het Memorial Statue door blijven rijden, over de rode brug. Rechts staat dan onze eerste lodge en na 7 km vind je het kantoor en    cafe. Als je mee wil eten moet je dat van tevoren doorgeven, want de winkels zitten meer dan een uur rijden verder op."

Tot mijn grote vreugde belandde ik onderweg in een grote kudde schapen die over de weg werden voortgestuurd door een boer in truck + drijfhonden. Eindelijk iets dat ik van mijn verlanglijstje kan afstrepen!


Ik verdween steeds meer in de bush. Geen huizen meer, een gravelweg, bruggen die op instorten lijken te staan en neerkomend gesteente van de rotsen, soms midden op de smalle weg. Voor een Ford Focus nog een hele tour om daar overheen te gaan!
Eindelijk diende Blue Duck Station zich aan. Ik vond het cafe/kantoor en werd hartelijk ontvangen. Ik wist al niet eens meer wat er precies op het programma stond voor deze dagen, maar het bleek dat ik in elk geval 1 maaltijd in het cafe mee zou eten en dat ik een tochtje in een jetboot zou maken.
Prima!

Eerst naar mijn gloednieuwe lodge. Helemaal alleen voor mijzelf: drie slaapkamers en drie badkamers, en een gezellige living/keuken. Wat een luxe! En wat een verschil met mijn vorige zelfvoorzienende adres. Hier een keurig vierpits inductie fornuis, een magnetron, broodrooster, waterkoker, koelkast (die ik wel eerst moest ontdooien omdat de deur niet goed was gesloten) en voldoende pannen, borden enz.
Maar deze eerste avond zou ik mee-eten in het cafe (mousaka), dus ik daarheen gelopen. Onderweg raakte ik aan de babbel met een Amerikaans meisje dat ook naar het cafe liep. Ze zei: join us, dus nadat ik een sapje had gehaald schoof ik aan bij haar groep. En daar zat  ik ineens midden tussen een groep jagers! Ze zouden 's nachts op zwijnen en geiten gaan jagen. Allemaal jonge Amerikanen en een aantal gidsen. Er gingen heel wat wodka's en andere sterke drank in... Ik dacht nog: als ze maar goed opletten dat ze op een dier richten en niet op bijvoorbeeld mijn lodge!
Later kwamen er meer mensen, die ook kwamen eten. Daar ben ik bij aangeschoven en het was heel gezellig met een Zweeds echtpaar, jonge Ieren en een Nederlandse jongen.
Rond 9 uur terug naar mijn lodge (wat is het toch handig dat er een zaklamp op mijn telefoon zit) en na een douche lekker naar bed. Morgen niets bijzonders op het programma, dus een luie dag.

Twaalf uur later kwam ik pas uit bed en maakte een lekker ontbijt voor mijzelf klaar. Rond twaalven ging ik naar het cafe om te bloggen, maar dat wilde niet echt lukken met die beperkte Mb's zoals jullie gemerkt hebben. Ik werd ontvangen met de mededeling dat mijn zus naar mij had geïnformeerd omdat ze al 3 dagen niets van me gehoord had. Goed om te weten dat er mensen naar me omkijken! Maar ja, zonder internet en zonder bereik wordt het moeilijk contact te houden.
Inmiddels was er een Nederlands echtpaar gearriveerd die die middag een tocht per paard zouden gaan maken.
Dat leek mij ook een leuk plan, dus rond half 3 stegen we op ons paard. Nou ja, voor mij moest er wel even een blok bij gehaald worden want ik was te stijf om even mijn been over de rug van het paard te zwaaien.  Het was inmiddels al 35 jaar geleden dat ik op een paard had gezeten, maar de basics wist ik nog wel. We gingen op weg met een gids (Jack from the UK) en maakten een tocht over de heuvels, door de weiden en het bos. Dat is wel even andere koek dan in de manege. Dat stijl omhoog klimmen en dalen vraagt heel wat van het paard en van jezelf! Ik had wel medelijden met mijn paard die al dat gewicht mee naar boven moest dragen. Hij was wel heel voorzichtig, dus ik had alle vertrouwen in hem (Well done Nick, fluisterde ik telkens in zijn oor).  Na 2 uur een kleine stop om naar een waterval te lopen en dan weer het paard op om het laatste uur vol  maken. Toen ik weer op het paard zat heb ik Jack gevraagd een foto van mij te maken. Hij heeft er 3 gemaakt en ze zijn hilarisch. Als je ze ziet zou je denken dat ik doodsbenauwd was! Geen idee waarom ik zo keek op dat moment maar ik moest er verschrikkelijk om lachen.


's Avonds een lekker maaltje gekookt en op mijn zere billen gezeten. Tjonge, wat heb ik die middag een hoop spieren gebruikt die allang in onbruik waren!

De volgende ochtend stond om 10 uur een tocht met de jetboot op het programma. Richard (een 60-er) die de eigenaar van Blue Duck Station is, nam me op sleeptouw om van alles te vertellen over de natuur en de rivier. Hoewel er officieel 1 uur voor stond was het zo genoegelijk en hadden we zulke leuke gesprekken dat het uiteindelijk 2 uur heeft geduurd. Ik ben zelfs helemaal vergeten foto's te maken!
Daarna had ik nog de hele middag om eens lekker een boek te lezen. Heerlijk!

Al met al een onverwachte plek met onverwachte mensen en onverwachte activiteiten. Erg leuk!

Vervolg Waar is Wally, waar is de kiwi

Inmiddels is het 28 maart en ben ik aangekomen in Rotorua. Veel in te halen dus.

Kapiti Island was de plek waar ik een nacht zou blijven om kiwi's te gaan spotten. Het is een natuurreservaat dat in het bezit is van een Maori familie. Om er te komen word je met een bootje overgezet. Deze komt aanvaren naar het strand van Paraparamau. Daar staat een trekker met aanhanger klaar. Die rijdt achteruit het water in, behoorlijk ver!, en de boot vaart dan de aanhanger in.  Vervolgens trekt de trekker de boot dan het land op en stappen de mensen via een uitklapbaar laddertje uit op het strand. Binnen 20 minuten is de overtocht gemaakt. Ik kwam rond 4 uur aan op het eiland. We (een NZ-stel Wally en Mary-Ann en ik) werden ontvangen door onze jonge Moarigidsen en werden meegenomen naar het hoofdgebouw. Daar volgde eerst een inspectie van onze schoenen en meegebrachte spullen op ongewenste zaden, vruchten e.d. Want er wordt alles aan gedaan om dit gebied vrij te houden van niet-oorspronkelijke invloeden. Daarom staat het eiland ook vol met vallen voor possums, ratten en wezels. Deze bedreigen namelijk de bijzondere vogels die hier leven. In 2009 was het eiland eindelijk vrij van 'pests', zoals ze het hier noemen, maar in 2013 werd er weer een wezel gevangen. Waarschijnlijk was deze op drijfhout naar het eiland gekomen. Gelukkig bleef het daarbij.
Om het hoofdgebouw scharrelden allemaal zeldzame vogelsoorten. Vergeef me als ik de (Moari-)namen allemaal niet meer weet. Maar het is heel bijzonder om te weten dat je naar een vogel kijkt waarvan er nog maar 200 in de wereld zijn!




Sowieso zijn de Nieuw-Zeelandse vogels heel bijzonder. Zij waren de enige bewoners nadat NieuwZeeland was weggedreven van Australië. Er was geen enkel vierbenig zoogdier op Nieuw Zeeland! Moeilijk voor voor te stellen he? Wat er nu aan zoogdieren is (honden, katten, koeien, schapen, egels, herten, geiten, possums, ratten, zwijnen) is door de mens binnengebracht, en is meestal tot een pest geworden voor de oorspronkelijke flora en fauna. Vandaar dat er flink op de meesten wordt gejaagd.

We kregen ons eigen slaapplekje aangewezen. Het was een soort cabine met glazen schuifdeuren. Twee bedden er in en 1 stoel, + 1 ledlampje op batterijen en 1 zaklampje. Als je naar de wc wilde of douchen moest je in het stikkedonker naar het hoofdgebouw lopen. Na 10 uur is de generator uit, dus geen licht.

Omdat het een erg droge zomer was geweest en ze hier afhankelijk zijn van regenwater moesten we zuinig omgaan met water. Dus alleen bij een grote boodschap mocht er worden doorgetrokken: Is it brown, flush it down; is it yellow let it mellow! ;-)

Na het avondeten kregen we de nodige info over de kiwi. De soort die wij gingen zoeken is de kleine gevlekte kiwi, waarvan er 2000 op het eiland leven. Kiwis vormen paartjes voor het leven. Het vrouwtje legt een ei dat ca. 2/3 van haar lichaam in grootte is! Na deze zware klus neemt het mannetje het op zich om 75 dagen te gaan zitten broeden. Als de eieren uitkomen zijn de jonge kiwis kant en klaar. Er zitten al veren aan en ze leven gelijk zelfstandig.
Om 9 uur was het donker genoeg om op zoek te gaan. Kiwis zijn namelijk nachtdieren. Met een rode zaklamp (die niet vaak aangedaan werd) gingen we met onze gids op pad. Ik heb altijd veel moeite met in het donker lopen (begin dan altijd te zwalken) dus ik was erg geconcentreerd op de schaduw voor mij. Dat was Mary-Ann. Achter mij liep Wally. Ongelofelijk hoe zacht die kon lopen! Ik keek telkens achterom of hij er nog wel was, want ik hoorde hem helemaal niet.
Regelmatig bleven we doodstil staan, luisterend of we de roep van de kiwi hoorden, dan ging de zaklamp even aan om rond te kijken.
Maar je raad het al: Na twee uur lopen geen kiwi gezien!

Wel zat er ' s nachts een pinguin onder mijn vlonder. Wat een lawaai maken die beesten zeg! Maar wel grappig dat ik die nu in het wild heb gezien van zo dichtbij!

De volgende ochtend om 9 uur zat ik weer in het bootje naar Paraparaumo Beach om mijn weg over het Noordereiland verder te vervolgen.