Terwijl ik dit aan het typen ben hoor ik de kaketoes schreeuwen en vanochtend werd ik gewekt door een kookaburra, het zit hier vol vogels. Toen ik gisteren door de tuin liep zag ik ook een heel mooi vogeltje met een grote gebogen snavel. Het was een honingeter, om precies te zijn de Eastern Spinebill.
Na een lekker stevig ontbijt vertrok ik naar Wilsons Promontory National Park, het zuidelijkste puntje van het Australische vasteland. Hier zijn mooie stranden en veel dieren te zien. Maar dan moet je toch wel mazzel hebben.
Mijn eerste kangoeroe zag ik de weg overhuppelen toen ik nog maar net het park in was. Helaas op een nogal ongelukkige plek waardoor ik niet kon stoppen om hem te fotograferen. Maar ik had goede hoop want mijn eerste doel was de Prom Wildlife Walk, een wandelingetje van 3 kwartier waar je kangoeroes tegen zou kunnen komen. Helaas... geen kangoeroe meer gezien de hele dag. Maar tijdens deze wandeling wel een groep emoes gezien. Deze staan ook op mijn kaart met dangerous animals. ‘Highly agressive, they are unaffraid to steel food from picknickers and will readily attack any thread to their young’. Dus vooral maar een beetje afstand gehouden. Later zag ik nog een of ander reptiel voor mijn voeten het pad langzaam oversteken. Het was een soort skink, maar ik ben er nog niet
helemaal achter welke. Ik vermoed de Blotched-Blue-tongue-Lizard.
De volgende stop in het park was Squeaky Beach. Een mooi wit strand dat zijn naam te danken heeft aan het zand dat piept als je er over loopt. Echt heel grappig, het schijnt te maken te hebben met de vorm van de zandkorrels.
Al met al een heerlijk strand. Lekker een stukje liggen lezen en daarna nog een andere wandeling gemaakt: Millers Landing Nature Walk. Maar daar was niet zoveel te beleven.
Het Australische landschap is echt heel anders dan NZ. Veel droger, andere vegetatie. O.a. de eucalyptusbomen. Nog geen koala gespot trouwens. Maar we hebben nog wat dagen te gaan. Dus morgen weer nieuwe avonturen. Nu eerst een maaltijd zien te scoren!