donderdag 13 oktober 2022

Spoorzoeken en zandhappen

Een goed gevulde dag gisteren. Eigenlijk een beetje teveel van het goede, maar toch zeker de moeite waard.

‘s Morgens had ik nog alle tijd om wat anders te doen dan de tour naar Farewell Spit, want die startte pas rond 2 uur ‘s middags. 

De hotelmanager had me geattendeerd op de Labyrint Rocks. Een Engelse geoloog heeft dit labyrint ooit geconserveerd en je kunt er aan de hand van een kaartje doorheen lopen. Een soort Jurasic Park belevenis. Toch wel een beetje spooky om zomaar zijpaadjes in te lopen en bochtjes te maken en een richting te kiezen op een splitsing. Ondanks het kaartje is het echt wel een labyrint. Hoewel ik nooit een padvinder ben geweest, bedacht ik dat ik een spoor moest nalaten waar ik vandaan kwam.


En dan maar hopen dat de takjes niet door iemand anders verplaatst worden. 
De stenen hebben prachtige vormen en de oorspronkelijke Nieuw-Zeelandse begroeiing maakt het een bijzonder plek. 




In de bosjes stikt het van de vogels. Veel merels, echte scharrelaars die je overal tegenkomt, en ook de fantail, een kwiek rondfladderend klein vogeltje dat luid zingt.
Plots hoorde ik een onbekend geluid. Het bleek een Californië Quail te zijn. Een heel mooi kwarteltje met een pluimpje voor op zijn kop.


Zo leuk, die onverwachte ontmoetingen! Hoewel het niet een enorm uitgestrekt gebied was heb ik er toch met gemak ruim een uur doorgebracht. Ronddwalend, zittend op een bankje om de vogels te observeren. Een fantastische plek. Daar verdwaald raken zou voor mij geen ramp zijn.
Maar er bleken ook kleine helpertjes te zijn in het park die je de weg wezen. Zo grappig.


Later die ochtend ben ik naar de Te Waikoropupu Springs geweest. Een prachtig bron die enorme hoeveelheden kristalhelder water levert. Het is een heilige plek voor de Maori’s en je wordt dan ook gevraagd om het water niet aan te raken en ook niet mee te nemen. Ik was er al eens in 2018 geweest. Maar ik wilde proberen of ik er een mooiere foto kon maken dan de vorige keer.


Ondanks polarisatiefilter blijft het een beetje een onduidelijke foto. Dat komt omdat het water voortdurend in beweging is. Het borrelt hier omhoog uit de bron.

Uiteindelijk was het dan toch tijd om naar Collingwood te rijden voor de Farewell Spit tour.
Farewell Spit is een smalle zandspit aan de noordkant van de Golden Bay, Zuidereiland van NZ. Het loopt oostwaarts vanaf Cape Farewell, de noordelijkste punt van het eiland.

Ik had me er een hoop bij voorgesteld en had ook verwacht dat we er met de boot naar toe zouden gaan, omdat de vertrektijd voor de excursie van het getij afhankelijk was. Ik had dus alvast een pilletje ingenomen tegen zeeziekte, want daar heb ik wel eens last van en het kan hard waaien hier aan deze kust.
Bleek het een bustocht te zijn…. Maar ook daar kwam het pilletje goed van pas want je werd behoorlijk heen en weer geschud. Mijn medereizigers waren allemaal bejaarden van een jaar of 70 of ouder. Haha, nou daar paste ik goed tussen, want mijn knie werkt op het moment niet erg mee. Dus lopen en klimmen kost nogal moeite.

Anton, onze gids, begon te praten zodra de motor gestart was en hield pas na 6 uur weer op. Hij had enorm veel te vertellen. O.a. Over de geschiedenis van de baai. Golden Bay is de huidige naam, maar het heeft ook Moordenaarsbaai geheten. Deze naam gaf Abel Tasman, nadat zijn bemanning hier was aangevallen door Maori’s. Hij had land gezien, waarop vuurtjes branden. Hij concludeerde dat het land dus al door mensen in gebruik was genomen en wilde ze gaan begroeten. De Maori’s kwamen met kano’s aanvaren op oorlogssterkte en bliezen op de hoornschelp. De bemanning in de sloep van Abel Tasman die hen tegemoet voer had opdracht zich aan te passen aan de gewoonte van de plaatselijke bevolking. Ze hadden een ‘goodiebag’ met cadeaus meegekregen en haalden daar een trompet uit om terug te toeteren. Door hierop te blazen hadden ze nietsvermoedend de oorlog verklaard aan de Maori’s. Met alle gevolgen van dien.

Onze eerste stop vandaag was bij Pilar Point. Vlak bij waar ik de dag ervoor op het strand was geweest.


De regio hier was vroeger een gebied waar kolenmijnen waren en uiteindelijk ook goudmijnen. Vandaar Golden Bay. Tegenwoordig zijn het vooral boerenbedrijven hier, met veeteelt (schapen en koeien).
Verder is de regio vooral vakantieoord voor veel mensen.

Farewell Spitt zelf is een enorm strand dat bij hoogwater 28 km lang is. En bij laag tij komt daar nog eens 10 km bij.
Hier fourageren o.a. Jan van Genten, die een kolonie hebben op de hoger gelegen zandduinen. Ook zie je overal zwarte scholeksters (dus niet de zwart witte die wij in Nederland hebben). Zij zijn altijd als koppeltjes te vinden op het strand en hebben ieder hun eigen territorium van zo’ n 700 m strand. Een ‘inbreker’ wordt met grote opengesperde bek en veel gefladder verjaagd. Mooi om te zien.
Uiteraard vind je hier ook zeeleeuwen die liggen te rusten op het strand.


Met de bus reden we over het strand, ver voorbij waar de gewone toerist mag komen.  Eerst een korte stop bij Fossil Point. De miljoenen jaren oude kust brokkelt hier af en je kunt er fossielen vinden.


De volgende stop was bij de vuurtoren. Om daar te kunnen komen moesten we door een geul met stromend water rijden. En dat was reden waarom we van het getij afhankelijk waren. Want je moet goed timen om hier doorheen te kunnen en ook nog op tijd terug te kunnen rijden.

De vuurtoren is tegenwoordig onbemand omdat alles nu op zonne-energie werkt. Vroeger woonden hier 3 vuurtorenwachters met hun families. Zij wisselenden elkaar af met drie shifts. Twee nachtshifts en een dagdienst.
Tijdens de nachtshift moest de vuurtorenwachter jerrycans met kerosine naar boven brengen. Vervolgens moesten ze elke 20 minuten met een zwengel de druk opvoeren in het kerosinevat, zodat de kerosine omhoog naar de lamp ging waar het vuur brandde. En ook elke 20 minuten moesten ze een aan andere zwengel draaien om een contragewicht omhoog te trekken die langzaam weer naar beneden zakte zodat de lamp ronddraaide. De vuurtorenwachter die dagdienst had moest de lamp overdag schoonpoetsen, die door de kerosine beroet was tijdens de nacht.




Na een bakje koffie en een muffin reden we nog een stuk verder het eindeloze strand af en we beklommen ook nog een zandduin.

Al met al een informatieve reis, maar minder spectaculair dan ik had verwacht. Toch een mooie dag gehad. Rond negen uur was ik ‘s avonds weer in mijn hotel. Daar wachtte mij nog een drie gangen menu. Ondanks dat ik moe was heb er enorm van genoten. Een prima kok daar bij Ratanui Lodge!

Met mijn buikje vol rolde ik mijn bed in. Lekker slapen….