woensdag 18 april 2018

Bondi Beach




Wie kent ze niet, de stoere lifeguards van Bondi Beach? Die moest ik natuurlijk even in het echt bekijken, nu ik toch in de buurt ben. Dus op naar Bondi Beach. Een van de mooie stranden van Sydney. De grootste in elk geval. Vandaag was het 22 graden en soms bewolkt, dus niet stampend druk, maar genoeg Chinezen aanwezig om te redden. (In de serie zie je vaak dat de Aziaten vaak zo de zee in gaan zonder enige zwemervaring en bovendien kunnen de waarschuwingsborden vaak niet lezen). Gelukkig bleven vandaag de meesten uit het water, hooguit pootje baden en vooral veel selfies met een stick maken.



Kijk hier heb je ze nou in het echie. Regelmatig werden zwemmers teruggeroepen omdat ze niet binnen de vlaggen bleven zwemmen. Daardoor kwamen ze in stukken waar veel surfers waren, en zo’n plank met van die vinnen wil je echt niet tegen je kop krijgen.

Voordat ik wat op het strand heb gezeten heb ik eerst een  deel van de coastal walk gedaan, van Bondi Beach, via Tamarama Beach naar Bronte Beach en weer terug. Bij elkaar zo’n uurtje lopen langs een prachtige kust. Het zandsteen heeft de mooiste vormen en de strandjes zijn ook heel mooi.



De zee was ook behoorlijk omstuimig, dus dat was vooral leuk voor de surfers. Jong en oud ging het water op en probeerde een golf te berijden. De een wat succesvoller dan de ander. Leuk om een tijdje naar te kijken.  

Rond  drie uur wilde ik nog een uitstapje naar een museum maken, maar ik maakte de vergissing om de bus te nemen, die compleet vastliep in het verkeer. Dus toen ik rond vier uur in de buurt van mijn hotel was besloot ik uit te stappen en naar het hotel te gaan. Vast beginnen met pakken. Want straks moet ik de  deur nog uit voor een maaltijd en dan is het zo weer laat.

Nou dat waren mijn avonturen van deze reis. Morgen het vliegtuig weer in en de lange tocht naar huis maken. Voorlopig is dit dus mijn laatste blog.

Dank voor alle reacties en het meeleven met mijn avonturen. Ik hoop dat jullie er net zoveel plezier aan hebben beleefd als ik!

The Blue Mountains

Eindelijk weer even de natuur in: op naar de Blue Mountains. Vroeg opstaan want om 7 uur werd ik al afgehaald. Een grote four wheel drive Landrover stopte voor de deur en Paul, de gids van vandaag liet me instappen. Vervolgens nog langs twee andere hotels. Bij de ene pikten we een Duits echtpaar op die uit de buurt van Keulen kwamen. Zij waren net twee dagen in Australië en hadden nog wat last van een jetlag. Bij het volgende hotel stapten twee Amerikaanse dames in waarvan een behoorlijk stevig was en zeer moeizaam liep met een stok. Het verbaasde me dat zij aan deze trip meedeed, want bij de omschrijving van de trip stond dat je een redelijk goede conditie moest hebben.
Vandaar dat ik voor ik op reis ging nog zo mijn best had gedaan in de sportschool.

Eerst moesten we anderhalf uur rijden om Sydney en de suburbs te verlaten en toen gingen we de Blue Mountains in. Op een eerste stop hadden we mooi zicht op de bergen. Het zijn in feite canyons, uitgesleten uit het zandsteen en begroeid met bossen. Als je in de verte kijkt heeft het een blauwe gloed. Vandaar de naam. Het was een lekkere koele ochtend, rond de twintig graden en helder weer. Je kon heel ver kijken. We kregen een morning thee, wat inhoudt thee (of koffie)  met allemaal lekkers erbij. Er was fruit en koek en kaas enz. En Timtams, een typisch Australische lekkernij. In feite een hol bros koekje met daaromheen chocolade. En wat de Australiërs dan het liefste doen is een hoekje afbijten en ook het hoekje er schuin tegenover. Vervolgens houd je het ene hoekje in de thee en zuig je aan het andere hoekje de thee door het koekje heen. Dan smelt het koekje zo’n beetje en smikkel je hem gauw op.

We vertrokken naar een ander uitkijkpunt waar je nog dichter bij de Drie Zusters kunt komen. Drie
beroemde zuilachtige rotsen.  Je kunt er ook op een andere plek met een kabelbaan naar toe maar wij gingen dus lopen. Het waren heel wat treden naar beneden en later weer omhoog, dus de mevrouw
met stok ging niet mee. Hoewel vooral het weer naar boven lopen vrij pittig was, viel het mij nog wel mee.


In Leury gingen we lunchen. Ik heb een pie genomen met lamsvlees, knoflook en rozemarijn. Na een uurtje vertrokken  we naar een andere canyon. Ondertussen veranderde het weer. Het werd een stuk kouder en de wind was gedraaid. Daardoor kwam de wind nu uit het zuidoosten en werd de rook van de bosbranden de canyons ingeblazen. Daarmee werden de uitzichten een stuk minder mooi. Maar we zijn toch nog wat paden afgeklauterd en weer omhoog.

Eigenlijk had ik van deze trip wat meer verwacht dan alleen naar wat uitkijkpunten rijden en een stukje lopen. Maar het het was in elk geval wel een mooi gebied . Overigens zag je ook in de Blue Mountains sporen van branden uit het verleden. De vegetatie hier kan aleen op zeer schrale grond gedijen. Regenwater dringt niet erg ver in de bodem door, dus het is erg droog. De zaden van de planten hier zitten in heel dikke hulzen. Alleen door een brand gaan deze zaaddozen open en door de as wordt de grond weer vruchtbaarder. Hier kunnen de zaden in gedijen en groeien ze vrij snel weer op. Soms zie je boomstammen die helemaal verkoold zijn en die zijn dan toch weer opnieuw uitgelopen. Wat zit de natuur weer wonderlijk in elkaar he?

Rond een uurtje of zes waren we weer terug in Sydney.

Nog een dagje resterend en dan zit ik weer in het vliegtuig. ik heb net alweer ingecheckt. Gek idee dat het alweer bijna voorbij is. Ik heb nog steeds het gevoel dat ik nog maar net ben begonnen!